“Gemak dient de mens. Kent u die uitdrukking?” Ik moest aan dominee Gremdaat denken toen ik dit opschreef.
Als het aan veel mensen ligt, dus ook kinderen, zou alles (ge)makkelijk moeten zijn. Het mag ook niet veel kosten. School, werk, zakgeld. Zakgeld?
Siebren gaf aan dat hij niet genoeg heeft aan zijn 20 euro zakgeld per maand. “Het leven is duur pa.” “Ja zoon, daar merk ik ook alles van.” “Nou”, was zijn reactie, “ga je daar wat aan doen dan?” Ik keek ‘m vragend aan: “Je bedoelt…” en ik trok mijn portomonee, “dat ik je zakgeld moet verhogen?” Hij knikte en keek mij verwachtingsvol aan.
“Dacht het niet!”, riep ik, “Weet je Sieb, alles wordt hier voor je betaald. Je bent 14 en die 20 euro per maand is voor nu wel genoeg. Check de web site van het Nibud maar. En wanneer je meer geld nodig denkt te hebben, ga je maar voor werken. Vakkenvullen, kranten of folders lopen.” Kennelijk had hij die optie al een keer overwogen, want zijn reactie was duidelijk: “Weet je wel hoe weinig geld je daarvoor krijgt? Het is hardwerken en je krijgt maar een paar euro per uur!” Hij was het duidelijk niet eens met deze vorm van uitbuiting en z’n gezicht sprak boekdelen.
“Duh…”, sprak ik in zijn taal. “Sieb, als je meer geld wilt, moet je er ook wat voor doen. Zo simpel ligt het.” Ik keek ‘m in de ogen en preekte als Gremdaat: “En ja lieve jongen, klinkt lullig, niet zo bedoelt, maar je kunt ook nog niet veel. Je bent nog erg jong en je hebt geen ervaring. Je zult onderaan moeten beginnen. Je vader…” “Ja, ja, dat verhaal ken ik al”, onderbrak hij. Zichtbaar teleurgesteld liep hij naar de keuken om wat te drinken.
De volgende dag schoof Sieb mij een formulier onder de neus. “Dit moet jij ook ondertekenen pa”, zei hij zacht. “Hé, een contract?”, riep ik verbaasd, “Een folderwijk?” “Ja, 353 adressen” en hij wees de plek aan waar ik mijn handtekening moest zetten. “Wat verdient het?”, vroeg ik nieuwsgierig. “Pfff… dat is afhankelijk van de dikte van de folderbundels”, en hij haalde zijn schouders op en vervolgde: “Ongeveer 10 euro per keer.” “Dat is toch niet slecht?” zei ik en las vervolgens het contract door. De wijk die hij toebedeeld kreeg waren de straten bij ons in de buurt. De folderbundels zouden weekelijks op het huisadres bezorgd worden. Er werd ook een folder- en fietstas bijgeleverd. Er stonden verder geen rare dingen in het contract en ik zette mijn handtekening naast die van hem. “Heb je eing idee hoe lang je er over doet om die folders bij 353 adressen te bezorgen?”, vroeg ik belangstellend. “Geen idee, maar dat weet ik snel genoeg”, was het antwoord.
Een week later lag er een geweldige stapel folders voor de deur. Alles in stevig plastic verpakt. Siebren ging aan de slag met ‘zijn folders’. De hoeveelheid was zo groot, dat hij verschillende malen terug kwam om zijn tassen te vullen. Ruim vijf uur later was hij klaar en uitgeput plofte hij op de bank. “Ja, de eerste keer is altijd zwaar Sieb”, troostte ik. Hij keek mij donker aan en ik zag dat hij op een gedachte zat te broeden.
Een week later komt mijn vriendin Rita, samen met haar zoontje Ian, voor een paar dagen logeren. Ze staan voor de deur die opnieuw geblokkeerd wordt door een berg folderbundels. Sieb begroet zijn ‘nep broertje’, zoals hij Ian pleeg te noemen, met een klap op zijn schouder en roept joviaal: “Heej gast, goed je weer te zien!” Ik zie dat er iets niet klopt in deze begroeting, maar kan het even niet plaatsen. Ian van 8 is een lekker stoer én actief ventje en bekijkt de wereld nog met een naïve en onschuldige blik. Dat is Siebren blijkbaar ook opgevallen en trekt Ian, wanneer hij zich een weg baant door de folders, met zich mee.
“Uh, wat ga jullie doen?” vraagt Rita die de berg folders voor het eerst ziet. “Ian en ik gaan folders lopen”, roept Sieb terug en hij duwt Ian een pak folders in zijn handen. “Ja mama”, roept Ian enthousiast, “dat vind ik leuk!” We zien eurotekens glimmen in Ian’s blauwe ogen wanneer Sieb hem belooft dat hij wat kan verdienen als de folders bezorgd zijn.
Sieb stouwt zijn fietstassen vol en even later trekt hij met Ian, die gretig als een jonge hond naast hem rent, de wijk in. Het is twee uur later, wanneer we hen weer terug zien. Sieb is goed gehumeurd en oogt relaxed: “Klaar!” roept hij triomfantelijk. Ian zien we doodmoe het huis in strompelen en op de bank storten. “Jahaa”, zegt Sieb, “prima werker die Ian. Hij heeft bijna alle folders rennend bezorgd!” Het hoofd van Ian knikt vermoeid. Dan verschijnt er een glimlach: “Mama, ik heb vandaag een euro verdient!” en hij houdt het muntstuk triomfantelijk omhoog.
Ik kijk Sieb verwonderd aan. “Eén euro?” “Ja pa, hij is nog jong en onervaren…”
Manx.
(columns zijn eerder gepubliceerd in Ouderinfo CdB, schooljaar 2007/2008, 2008/2009 en 2009/2010)

Geen opmerkingen:
Een reactie posten